Insecten in de bruine sloot

Vanmiddag met de insectenwerkgroep naar waterdiertjes gezocht in het moestuincomplex Aa-tuinen. Onder leiding van aquatisch ecoloog Hans mochten we een paar keer scheppen in een “vieze bruine sloot” en daarna de oogst bekijken.

Ik had geen idee wat ik kon verwachten gezien de bruine soep. Maar Hans legde uit dat de kleur wordt veroorzaakt door kwelwater en in principe weinig zegt over de kwaliteit van het water. En dat bleek: na slechts twee keer scheppen wemelde het in de witte bakken, waar de oogst in mocht, van de waterdiertjes: wantsen, libellenlarven, haften, kokerjuffers, watermijten, wormpjes, slakjes, visjes, noem maar op! Hans legde stap voor stap uit hoe je de hoofdsoorten uit elkaar houdt. Een libellenlarve wees hij aan als grote of kleine roodoogjuffer, vanwege de rechtopstaande lamellen aan de staart. Maar alles tot op soortniveau determineren? Dat blijkt priegelwerk, waar je thuis een binoculair, een meter literatuur en een lange winter voor nodig hebt. O ja, en nog minimaal vijf jaar aan ervaring.

Iets verderop werden twee grote spinnende watertorren uit het water gevist (de grootste kever van Nederland) samen met een paar waterschorpioenen. Zo werd het een verrassend rijke middag.